zondag 20 april 2014

Samedi the deafness van Jess Ball

Samedi the DeafnessSamedi the Deafness by Jesse Ball
My rating: 4 of 5 stars

De hoofdpersoon, James Sim, ia een 'mnenomist', iemand die - in dit geval na langdurige training - over een fotografisch geheugen beschikt. Het is niet alleen een eigenschap van James, maar ook zijn werk. Maar hoe, waarom en voor wie hij dit werk doet blijft 'duister'. Het betaalt in ieder geval goed.

Op een dag, tijdens een wandeling, is James net niet getuige van een moord. De daders heeft hij nl. niet gezien, maar hij is wel net op tijd bij het slachtoffer om van hem nog het e.e.a. te horen over een samenzwering. Thomas McHale, zoals het slachtoffer heet, kan nog net wat namen en andere informatie uiten alvorens te sterven. James maakt dat hij wegkomt, bang als hij is dat de daders nog in de buurt zijn en neemt zich voor de boel de boel te laten. Helaas wordt hij de volgende dag weer geconfronteerd met de naam Samedi en aarzelend volgt hij een van de aanwijzingen die hij van McHale heeft gehoord op. Het resulteert erin dat een man door het raam springt en James in een verisylum belandt, gekidnapt door de tweelingbroer van Thomas McHale, Thomas McHale.

James, opgesloten en verliefd op wat waarschijnlijk de dochter van Samedi is, heeft intussen nog slechts zes dagen om de bijbelse tragedie te voorkomen die Samedi de Amerikanen belooft. Hij doet er alles aan om te begrijpen wat er aan de hand is en wat er staat te gebeuren, maar hij merkt al snel dat het niet alleen lastig is om zijn weg te vinden in het gebouw, maar dat de mensen die het bevolken net als de regels die gevolgd moeten worden net zo moeilijk te vatten zijn.

Doorspekt met schitterend geschreven jeugdherinneringen van een eenzaam jongetje die geholpen wordt door zijn onzichtbare wijze uil, is Samedi the Deafness bijna een thriller. Het begint razend, met moorden en een kidnapping, maar komt tot bijna stilstand als James eenmaal in het verysilum is terechtgekomen. Uiteindelijk breekt de laatste dag aan en wordt James het een en ander duidelijk.

Samedi the deafness bevat diverse passages waar ik - eerlijk is eerlijk - eigenlijk geen kaas van kon maken, maar die ik wel ontroerend mooi vond. Poëtisch, eigenlijk. En naarmate ik ze vaker herlas om het toch te pakken te krijgen, nog mooier. Verpakt in een maf, onderhoudend, kronkelig, thrillerachtig verhaal met een superschurk die het goed bedoelt, is dit een absurd verhaal dat net op tijd stopt. Langer doorgaan zou desastreus zijn geweest.

rule 37
It is necessary when proceeding from hall to hall and along the stairways never to speak with anyone you see, aside from servants. Should you wish to speak to someone, ring the bell that has been provided to you. Everyone in the vicinity will stop his or her movements. Count then to fifteen and approach the other person, giving them time to gather their thoughts. Then you may pose your question or voice your concern.
Also, a better method of interaction is afforded by the system of note-sending. All the rooms of the house are provided with a small mail shelf on the near wall beside the door. Simply place your note on the shelf, and it will be received and responded to at the person's leisure. If you suspect that the person is within the room, and you are leaving a note when time is of the essence, you may knock once upon the door knocker.
See rule 14 for the particularities of the use of the door knocker.

Met dank aan Justin Waerts, door wiens essay ik Jesse Ball ook heb mogen ontdekken.

View all my reviews

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen