dinsdag 24 juni 2014

Crowdsurfen op laag water van Daniël Vis

Crowdsurfen op laag waterCrowdsurfen op laag water by Daniël Vis
My rating: 5 of 5 stars

Op 24 april schreef ik in een blog dat ik de volgende dag deze dichtbundel zou gaan ophalen bij de plaatselijke boekwinkel. Dat was naar aanleiding van een interview bij Nooit meer slapen, waar Vis te gast was.
Helaas komt het geregeld voor dat ik enthousiast word gemaakt voor een boek door een fijn interview, om dan vervolgens uitermate teleurgesteld te zijn na afloop van het lezen van dat boek. Gelukkig is van teleurstelling in het geval van Crowdsurfen op laag water absoluut geen sprake, ondanks dat de bladzijden het karakteristieke stemgeluid van Daniël Vis niet kunnen voortbrengen. Een beetje miste ik de voordracht wel, maar de poëzie van Vis is sterk genoeg om al lezend overeind te blijven.

De bundel bevat geen enkel lichtvoetig, blijmakend gedicht, maar wie na bestudering van de kaft nog immer een verzameling vrolijkmakende gedichten verwacht, verdient het simpelweg om onaangenaam verrast te worden.

ik tel de knoppen op de afstandsbediening van de tv.
ik wil berekenen hoeveel unieke combinaties je kan maken.

in de praktijk is het minder leuk de uitknop
vroeg in een reeks in te drukken.

in de praktijk kom je uiteindelijk weer
bij een zender waar niets op te zien is.


Zuchten, schouders ophalen, instemmend knikken en dan glimlachen. Een onschuldig, bijna lief gedicht in een serie gedichten dat eindigt met

we rijden 140 op de a7,
we halen net een vrachtauto in.

ik zit voorin naast m'n vader,

hij houdt het stuur losjes vast.
ik zou er makkelijk bij kunnen.

er zijn maar weinig mensen die hierom kunnen lachen.


Het is de opmaat naar gedichten waarin Kees de kankercel de bewoner van zijn moeder is, konijnen stilletjes verhongeren in de garage, ook gootsteenontstopper niets oplost, een washand naar bloemkool ruikt, andijvie en spruiten worden gegeten en een jongetje met een klappertjespistool speelt:

ik sta aan de straat voor ons huis
en zet een klappertjespistool tegen m'n hoofd

de loop is dichtgemaakt met plastic.

ik ben bang voor de knal.

over 3 meter komt een buurvrouw
de hoek om
en ziet een zevenjarig jongetje
dat zich prima alleen kan vermaken.


Keiharde treurigheid, overduidelijke ellende en eenzaamheid worden afgewisseld met mild depressieve prozagedichten, om te eindigen met een klap in je gezicht. Alsof je gestraft wordt voor het feit dat je het tot het einde hebt uitgehouden met deze bundel treurigheid en er zelfs van genoten hebt. Maar ik kan en wil het niet ontkennen: ik zwolg in deze bundel narigheid.

View all my reviews

Geen opmerkingen:

Een reactie posten