zondag 18 mei 2014

Dit zijn de namen van Tommy Wieringa

Dit zijn de namenDit zijn de namen by Tommy Wieringa
My rating: 4 of 5 stars


1 Dit zijn de namen van de zonen van Israël die samen met hem, Jakob, naar Egypte waren gekomen, ieder met zijn gezin: 2 Ruben, Simeon, Levi, Juda, 3 Issachar, Zebulon, Benjamin, 4 Dan, Naftali, Gad en Aser. [...]

Het is niet moeilijk om te achterhalen waar de titel van dit boek naar verwijst, want het verhaal van Jakob en de andere zonen van Israël wordt niet alleen aangehaald in Dit zijn de namen, de zoektocht naar een beter beloofd land wordt letterlijk opnieuw ondernomen door een kleine(re) groep mensen. En ook deze groep mensen vindt een tamelijk afschuwelijke god die ze uiteindelijk helpt bij het vinden van voedsel en plek waar ze kunnen overleven.

In het eerste deel van het boek, het najaar, wordt het verhaal van de dan naamloze groep troostelozen afgewisseld met het verhaal van Pontus Beg, commissaris van politie in Michailopol. Michailopol ligt, middenin de steppe omringt door niets, ergens aan de grens van de voormalige Sovjet Unie. Hij is alleen, vervreemd van zijn zus, ouders overleden en - zo blijkt later - niet te beroerd om zijn knuppel te laten spreken als hij vindt dat dat nodig is. Maar heel veel heeft hij in de corrupte samenleving van Michailopol niet in te brengen. Hij komt erachter dat zijn moeder waarschijnlijk joods is, met als gevolg dat hij ook joods zou zijn en met de hulp van de laatste jood in Michailopol verdiept hij zich in de geschriften en de leer van de joden.

De twee verhaallijnen komen samen in het tweede deel van het boek, waarbij de groep naamloze zombies een voor een hun naam krijgen. Het is het enige vrouwelijke groepslid zelfs gegund om een nieuw leven ter aarde te brengen. In december natuurlijk, want dit deel speel in de winter. Maar ook Pontus Beg krijgt in dit deel van het boek iets: door de verhalen van het joodse volk die hij tot zich heeft genomen, lijkt hij minder hard te zijn geworden en zich beter te kunnen inleven in anderen. Pontus Beg heeft dat inlevingsvermogen behoorlijk hard nodig als hem stukje bij beetje duidelijk wordt wat er zoal gebeurd is tijdens de omzwervingen over de steppe.

Deel drie bestaat slechts uit één hoofdstuk, waarbij de jongste uit de groep en Pontus Beg, met uitzicht op het beloofde land een plan smeden om daar alsnog te komen. Veilig tussen al die andere mensen die weten wat het is om ellende te verduren en opgejaagd te zijn.

Dit zijn de namen is gelukkig een heel ander boek dan Joe Speedboot want dat vond ik 'best een aardig verhaal', maar de overvloed aan knap gevonden, mooie metaforen vond ik na verloop van tijd vermoeiend en op den duur een tikje lachwekkend. Die opsmuk lijkt Wieringa niet meer nodig te hebben of te vinden, want Wieringa maakt er in dit boek - gelukkig - veel minder gebruik van. Het boek leest (dus) lekker weg. Wieringa maakt het de lezer daarnaast geregeld erg, en ik vind 'te', makkelijk om zijn bedoelingen duidelijk te maken, mocht je iets missen. Zo schrijft hij: Beg zette de fles op tafel. De radio bracht het nieuws dat de voormalige minister van Transport dood was gevonden in zijn datsja. Hij had zich tweemaal door het hoofd geschoten, zei de nieuwslezeres. Om dan te vervolgen met: Beg schonk in. De dop rolde weg over het tafelblad. 'Op jou, ministertje,' zei hij met zijn ogen naar het plafond. 'De enige zelfmoordenaar in de hele wereld die zichzelf twee kogels in het achterhoofd schiet.'

Ik was geen grote fan van Wieringa, en ben dat na dit boek nog steeds niet, hoewel ik het beter vond dan Joe Speedboot. Als Wieringa na het weglaten van het teveel aan metaforen, straks ook het teveel aan uitleg kan vermijden, is de kans groot dat ik wél een fan word.

De naam is de gast van het echte ding, had een filosoof uit het oude China gezegd, en zo kwam hij, Pontus Beg, ook steeds meer tegenover zijn lichaam te staan - hij was de gast en zijn lichaam het echte ding. En het echte ding begon zich nu van de gast te ontdoen.

View all my reviews

Geen opmerkingen:

Een reactie posten